06-05-10

KIJKEN EN BEKEKEN WORDEN, EEN INLEIDING.

 

MAGDALENA

 

Waarom open ik deze vluchtige colleges met een prentje dat de bijbelse Maria Magdalena voorstelt, geschilderd door ene Bachiacca, -ik herhaal de naam 'Bachiacca'- om jullie te onderhouden over 'kunst-kennis- en maatschappij', oftewel 'esthetische aspecten van het ruimtelijk denken (naarmate de opleiding die jullie volgen, want ook de vakgroep neurowetenschappen wil zijn synapsen activeren) en niet met een technische encyclopedie van de esthetica, of een inleiding omtrent grenzen en terreinen van de esthetische waarneming, om maar enkele mooie titels van intro' s op te noemen?

De uitvlucht dat het om een vrouw gaat, een zondige vrouw volgens de overlevering, en dus op enige belangstelling van het jonge mannelijke vee mag rekenen zou voor de hand kunnen liggen, maar ik veronderstel dat de evolutie intussen al zo ver is dat dergelijke kermistrukken niet meer nodig zijn al zou het zondige aspect van het verhaal eerder een gemeenschappelijkere band kunnen zijn dan het lokken van de mannelijke specimen bij middel van pikante vrouwenbeelden.


In het Florence van de zestiende eeuw gebruikte men wel eens meer een niknaam voor een kunstenaar.  Bachiacca heette Francesco Ubertini met zijn officiële naam.

Er is Maria Magdalena, maar ook een bed, een huwelijksbed. Niet voor Francesco, maar als twintigjarige zal hij een slaapkamer helpen decoreren, een slaapkamer met geschiedenis, voor een rijke Florentijner van de Borgherini-familie.

De panelen die hij er schildert, naast de cassini in de kamer, zijn voor het bed bedoeld.  Ze stellen het verhaal van Jozef en zijn broeders voor.

Twijfel is gerechtvaardigd want het is Vasari die het tafereel beschrijft en die de taferelen daarna aan Frans I laat aanbieden kwestie van een beetje vriendschap tussen Frankrijk en de Medici aan te houden.

Allan Braham publiceerde in 1979 in vol 121 no 921 op pagina 754-765 van The Burlington Magazine een studie over dit bed.  Ik bezorg jullie het met voetnoten zodat je zelf verder kunt ontdekken wat waar en verzonnen is, mocht je dat belangrijk vinden.


Maar in mijn vluchtige college' s zal waarheid niet dadelijk centraal staan al is ze respectabel bij onze vakgenoten die het over authenticiteit en geschiedenisbronnen hebben.

Kijk naar Maria Magdalena.

Ze is een vrouw.

Ze heeft de kruik bij waarin de olie zit waarmee ze de voeten van de heiland zal zalven, maar haar blik is de blik van een vrouw van de wereld, net als haar kledij die wellicht niet gratuit allures van een luipaardtekening hebben.


Dat is mijn verhaal.

Toen ik het mooie werk van Bachiacca zag, keken we elkaar aan. Ik denk dat kunst kijkt en niet alleen aangekeken wordt.

Of het nu een gebouw is, een ontwerp voor een auto, een grafische voorstelling, kunst kijkt, en het zijn de ogen van de ontwerper, de kunstenaar die in meer of mindere mate ons aankijken.

Die wisselwerking wilde ik duidelijk maken.

In onze patronen wordt kunst alleen maar bekeken, alsof de schepper ervan tot een onvruchtbare passiviteit wordt gedwongen.

Tegelijkertijd wordt de kunstenaar in het beste geval onzichtbaar, maakt het niet uit of hij tien dagen of vijftien jaar aan het kunstwerk heeft gewroet, het werk op zichzelf heeft die wetenschap niet nodig.

De intentie van Maria Magdalena is het zalven, dat blijkt uit de forse vaas.  Je kunt er niet naast kijken, maar de blik in haar ogen zul je niet vlug terugvinden bij afbeeldingen van de andere Maria, de moeder van Jezus.  Dit is inderdaad een blik van de wereld.  Mannen weten waarom, en laat ons eerlijk zijn, vrouwen ook, maar ze geven het pas later toe.

Laat nu de uitwerking ervan 'maniëristisch' genoemd worden.  We zijn de zestiende eeuw binnen gegaan, een eeuw die in velerlei opzichten zekerheden van geloof en geluk zal splijten.  Druipend van het bloed, ontdekt ze de mens.

Is het uit schrik voor zijn gekende donkere kanten dat we het hebben over 'het ideaalbeeld'.  Idealen horen vlug bij bloed en bodem thuis, dat weten we.

Maar er is het bed in de bruidskamer bij het begin van zijn schildersloopbaan. Een slaapkamer waarin al schermen aanwezig zijn.

Schermen die een verhaal vertellen.  Het verhaal van een jongen die door zijn broers als slaaf wordt verkocht.

Kijken en verhalen vertellen. Twee functies die we nog zullen ontmoeten als we het over kunst hebben.

Dat mijn Florentijn een goed oog voor de wereld had bewijst als afsluiting dit portret van een kardinaal, Leopoldo heette hij.

Ook hij kijkt. Niet alleen met zijn ogen. 

 

kardinaal

Mijn opdracht is deze portretten te bekijken. Schrijf zonder al te veel na te denken wat je invalt als je hen voelt kijken, beantwoord dus hun blik in enkele lijnen.

Het artikel The Bed of Pierfrancesco Borgherini verwijst je naar Vasari. Bespreek zijn beschrijving, wees het eens of oneens met Allan Braham, en wees niet bang de vakgenoten van geschiedenis te raadplegen of de namen die je erin ontmoet van prentjes te voorzien.

Maak er een soort stripverhaal van.



 

 

 


 

01:07 Gepost door geen | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten